07-04-14

Recensie: Mijn moeder is een vaderjood - Daniël Deegen

Titel: Mijn moeder is een vaderjood
Auteur: Daniël Deegen
Genre: Roman
ISBN E-book: 9789462548602
184  pagina's | Boekhandel Libris Venstra | febr. 2014

Daniël Deegen:
Mijn moeder is een vaderjood is zijn debuutroman. Zelf schrijft hij hierover: "Mijn moeder is een vaderjood is een boek met een autobiografische inslag. Waarom eigenlijk niet helemaal autobiografisch? Never let the truth get in the way of a good story, is een bekend gezegde. Soms is de werkelijkheid te mager voor een verhaal en soms weer te heftig, Kortom,  ‘Alles für das Buch.’ En daarbij: je figureert niet alleen zélf in een autobiografische roman, maar ook de mensen om je heen als het goed is. Meestal hebben die er helemaal niet om gevraagd dat er, ten overstaan van iedereen (nou ja, alle lezers), onthullingen over hen gedaan worden. Wat autobiografisch is en wat niet ga ik hier dus niet openbaar maken."

Het verhaal:
'Als Oma dood gaat in mijn vakantie hoef ik het niet te weten.'
'Wat?'
'Ik spreek toch geen Chinees? Ze hoeft niet ook nog mijn vakantie te verpesten.'

De achtjarige Denzel komt er stukje bij beetje achter dat Oma een Duitse is en zijn opa een in de oorlog omgekomen jood. De gevolgen van de oorlog neemt hij niet alleen waar, maar blijken ook door te werken in zijn opvoeding. In hoofdstukken waarin de jonge en de steeds oudere Denzel elkaar afwisselen, wordt steeds duidelijker dat karaktereigenschappen worden doorgegeven. Wie kan je eigenlijk vertrouwen? Denzel ziet hoe zijn moeder zich niet kan losmaken van Oma, maar kan hij zich op zijn beurt wel losmaken van zijn moeder? En in welke mate bepaalt het lot van de overleden joodse grootvader de identiteit van zowel de moeder als de ondertussen volwassen Denzel?

Mijn mening:
Doordat er veelvuldig gebruikt wordt gemaakt van tijdsprongen waarbij het verhaal afwisselend vertelt wordt vanuit de jonge Denzel én de opgroeiende Denzel, moet ik in het begin erg wennen aan deze opbouw van het verhaal. Het verhaal laat zich desondanks vlot lezen en voert mij al snel mee naar Denzel’s familiegeschiedenis. Een familiegeschiedenis welke beïnvloed wordt door de Tweede Wereldoorlog. Deze prachtige, indrukwekkende roman, met een autobiografische inslag, maakt duidelijk dat de gevolgen van deze oorlog generaties later nog immer het leven van de familieleden beïnvloeden.
Denzel zit op een betonblok horende bij het Joods herdenkingsmonument in Berlijn, als hij in gesprek raakt met historicus Jürgen Weiner. Jürgen stelt aan Denzel de vraag: Heeft u zelf familie verloren in de oorlog?” Door deze vraag gaat Denzel in gedachten terug naar de jaren die achter hem liggen. Gebruikmakend van tijdsprongen ontvouwt zich stukje bij beetje het levensverhaal en de familiegeschiedenis van Denzel. 
„Omdat alleen mijn vader een jood is, ben ik geen echte jood. Maar je moeder is dus een vaderjood.”
In de eetkamer bij Oma staat op de kast een ingelijste foto van een man. De zesjarige Denzel vraagt zich af wie deze persoon is. Als Denzel 8 jaar is, komt hij erachter dat de man op de foto zijn opa is, een in de oorlog omgekomen jood. Zijn oma blijkt uit Duitsland afkomstig te zijn. 
„Gek, dat Oma uit Duitsland komt en dat ik dus ook een beetje Duits ben en mama ook, want Duitsers zijn toch de vijand? Mama zegt dat Oma al vijftien jaar voor de oorlog naar Nederland is gekomen, om als dienstmeisje te werken. In al die tijd was Oma voor een groot deel Nederlandse geworden. Toch vind ik het gemeen dat de Duitsers dan haar man hebben doodgemaakt, als ze zelf nog een beetje Duits was. Voor de Duitsers telde het niet dat Oma in Duitsland geboren is, maar voor de Nederlanders wel. Oma kon bijvoorbeeld geen eten gaan halen bij de gaarkeuken.” 
Het drama van zijn opa die de oorlog niet overleefde, heeft zijn invloed gehad op het leven van Denzel's oma en zijn moeder. Zij hebben geen goede relatie met elkaar, zijn moeder koestert wrok tegen Denzel’s oma en vertrouwt haar niet. Jarenlang heeft zij gehoopt dat haar vader zou terugkeren uit de oorlog. „Ik heb heel vaak gehoopt dat mijn vader tóch een keer op het schoolplein zou staan om me op te halen. Maar dat gebeurde natuurlijk niet.; ik weet nog hoe teleurgesteld ik dan was.” Ondanks haar slechte relatie met haar moeder, kan ze haar niet loslaten. 
„Zijn moeder kan niet mét Oma zijn en ook niet zonder Oma. altijd als ze afstand probeert te nemen, loopt het schuldgevoel op en als ze te dichtbij komt verliest ze zich en wordt in de ogen van Oma en zichzelf weer een onwetend en onberekend kind. En wie ben je ook zelf, als je ouders zulke verschrikkelijke dingen hebben meegemaakt? Altijd maar begrip moeten opbrengen voor het lijden van de ander, en nooit kan je iets van dat lijden ongedaan maken. Misschien kan je dan ook geen eigen verlangens en gevoelens ontwikkelen en als je die wel hebt, bij wie moet je ze dan kwijt? Oma zal nooit kunnen erkennen dat mijn moeder door al dat lijden een verknipte jeugd heeft gehad, hoezeer mijn moeder ook naar die erkenning heeft verlangd. Ik bedenk opeens dat voor mij, in de relatie met mijn moeder, misschien hetzelfde geldt. Jezus. Nou ja, dat moet ik maar eens uitzoeken. Ik hoef het dilemma van mijn moeder in elk geval niet op te lossen.”
Gaandeweg het verhaal wordt duidelijk dat Denzel qua karakter steeds meer op zijn moeder gaat lijken, gevormd door het drama van haar vader. Net als zijn moeder probeert ook Denzel zijn leven en dat van zijn naasten te controleren, te bepalen. Zijn relatie met zijn moeder is moeizaam, zij vertrouwt de buitenwereld niet en probeert dit ook aan Denzel mee te geven. "jongeman, zolang je niet precies weet wat iemand denkt, kan die zich zomaar tegen je keren. Onthoud, dat je zelfs je eigen zus niet kunt vertrouwen." Wie kun je vertrouwen? Haar vader werd verraden door zijn buren, die zagen dat hij andere joodse mensen hielp zodat ze niet door de Duitsers gepakt zouden worden. 
Denzel worstelt met zijn identiteit. Is hij joods? Of heeft hij een joodse achtergrond? In welke mate bepaalt het lot van de overleden joodse grootvader de identiteit van zowel zijn moeder als van Denzel?
„Mijn opa is een jood, mijn moeder is een vaderjood, allebei met een direct oorlogsverleden. En ik dan? Ik aarzel om me iets joods en iets van het verleden aan te meten en ik beschouw mezelf niet als jood, en in elk geval als minder joods dan mijn moeder. Een davidster zie ik mezelf niet dragen. Halfjoods en kwartjoods bestaat niet, een opajood is geen begrip. Of nog niet. Een joodse achtergrond, misschien is dat het. En ook een beetje Duits.”
Denzel komt via Jürgen meer te weten over de laatste maanden van zijn opa, de familie dacht altijd dat opa in Auschwitz gestorven was. Opa blijkt echter per trein vanuit Polen in Lieberose terecht te zijn gekomen. Korte tijd daarna is hij lopend op transport gezet naar Sachsenhausen, een tocht van honderddertig kilometer. Een dodenmars. Zijn opa heeft deze zware tocht niet overleefd. Denzel vertelt zijn moeder wat hij te weten is gekomen over haar vader. Zijn moeder is ontzet en huilt om haar vader. Onderweg naar huis vraagt Denzel's zoon aan hem:
„Het is misschien een gekke vraag hoor, maar denk jij dat oma anders zou zijn, als haar vader niet in de oorlog was dood gegaan? Ja, oma was vast een ander mens geworden, dat denk ik wel. En niet alleen zij.”

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Opmerking: alleen leden van deze blog kunnen een reactie plaatsen.