29-08-14

Recensie: Haal de vroedvrouw - Jennifer Worth

Titel: Haal de vroedvrouw!
Auteur: Jennifer Worth
Genre: Roman
ISBN: 9789047204503
340 pagina's | Ambo Anthos Uitgevers | mei 2014

Jennifer Worth:
Jennifer Worth (1935-2011) werkte tot 1974 als verpleegster en vroedvrouw. Daarna begon ze een succesvolle carrière als pianolerares. Over haar ervaringen als vroedvrouw schreef ze een trilogie waarvan Haal de vroedvrouw! het eerste deel is en De kinderen van het armenhuis het tweede. (Een recensie van dit tweede deel zal binnenkort tevens te vinden zijn op The Book Girl). Jennifer Worth overleed in 2011, een half jaar voordat de BBC-serie van start ging.

Het verhaal:
Het is 1950 als de 22-jarige Jennifer Worth als vroedvrouw komt werken bij de nonnen van Nonnatus House, een kloosterorde die al sinds 1870 actief is in de Londense docklands. Het is een plek waar behalve de politie en de bewoners niemand durft te komen: bordelen, straatbendes en alcoholisten tussen de gebombardeerde huizen. Kinderen worden geboren onder erbarmelijke omstandigheden in huizen zonder elektriciteit en veelal zonder stromend water. Geen gemakkelijke omgeving om in te werken, maar naast deze hardheid en onvermijdelijke drama's ervaart Jennifer Worth onverwachte vriendelijkheid en begrip, altijd vergezeld van een grote dosis Cockney-humor. Jennifer Worth vertelt niet alleen met liefde over de vrouwen voor wie ze dag en nacht klaarstaat, maar ook over de nonnengemeenschap waarin ze woont: wijs en vroom, maar ook werelds en grappig, soms gekmakend en vaak excentriek.

Mijn mening:
„Waarom zijn vroedvrouwen niet de heldinnen van onze maatschappij? Waarom hebben ze zo’n lage status? Ze zouden door iedereen de hemel in moeten worden geprezen. Maar dat gebeurt niet. Hun verantwoordelijkheid is immens, ze beschikken over een ongeëvenaarde kennis en ervaring, maar die worden als iets vanzelfsprekends beschouwd en vaak zelfs geheel over het hoofd gezien.”

Een prachtig, boeiend en meeslepend verhaal welke een sfeerimpressie van de jaren vijftig in de Londense Docklands, een havengebied in het oosten van Londen, schetst. Een armoedige volksbuurt met grote gezinnen in te kleine woningen en slechte hygiënische omstandigheden. Het zijn de laatste jaren voor de doorbraak van de anticonceptie-pil. Gezinnen met meer dan tien kinderen zijn er heel gewoon. Het verhaal is zó beeldend geschreven dat de wijk en zijn kleurrijke bewoners voor de ogen van de lezer tot leven komen. Je waant je voor even in de jaren vijftig en kijkt over de schouder van Jenny Lee (Jennifer Worth) mee tijdens haar werk als vroedvrouw in East End. 

„Waarom ben ik er ooit aan begonnen? Heb ik er spijt van? Geen moment. Ik zou mijn werk nooit willen ruilen, nergens mee.”

We lezen verhalen over vrouwen en hun gezinnen welke Jenny tijdens haar werk ontmoette. Sommige verhalen zijn aangrijpend en blijven je bij. Andere verhalen bezorgen je een glimlach op je gezicht, zoals het verhaal over zuster Chummy of het verhaal van klusjesman Fred. Aangrijpend is het verhaal van de Ierse Mary die in de prostitutie belandt, zwanger raakt, vlucht en uiteindelijk wordt gedwongen haar baby af te staan ter adoptie. Of het verhaal van Molly die zichzelf, haar kinderen en haar huis verwaarloost en op een dag haar kleine kinderen waaronder haar acht dagen oude baby in een gevaarlijke situatie alleen thuis laat. Ook het verhaal van mevrouw Jenkins raakt je als lezer. Mevrouw Jenkins zwerft door de buurt en heeft een obsessie voor pasgeboren baby’s. „Mevrouw Jenkins was de buurtgek die mensen alleen van naam kenden, maar verder vermeden, vreesden, belachelijk maakten, en die eigenlijk een compleet raadsel voor hen was.” Zij vertelt Jenny en zuster Evangelina haar schrijnende levensverhaal; hoe zij met haar kinderen in het armenhuis belandt, van hen gescheiden wordt en haar kinderen nooit meer terugziet. En hoe zij nog immer wacht op haar overleden dochter Rosie. Het verhaal over de stuitbevalling van Betty Smith’ kerstbaby Carol is een verhaal welke de lezer tevens zal weten te ontroeren.

„Het was verbazingwekkend om een snik te horen, gevolgd door een kreetje. Het gezichtje van de baby was nog niet te zien, maar haar stemmetje was wel al te horen.”

Een verhaal welke mij als lezer vooral bijblijft is het verhaal van de Spaanse Conchita, die weigert om haar te vroeg geboren 25ste baby in het ziekenhuis te laten opnemen en in plaats daarvan maandenlang met haar eigen lichaam haar baby warm houdt en met regelmatige tussenpozen haar baby een paar druppeltjes melk voedt met behulp van een glazen staafje. De baby overleeft dankzij de goede zorgen van zijn moeder Conchita.

„Conchita’s baby was nooit alleen. Hij genoot van de warmte, de aanrakingen, de zachtheid en de geur van zijn moeder. Hij hoorde haar hartslag en stem. Hij dronk haar melk. En vooral: hij had haar liefde.”

De auteur schroomt niet om alle facetten rondom de bevalling en haar werk als vroedvrouw te beschrijven, de mooie maar zeker ook de minder mooie aspecten. Regelmatig maakt zij een vergelijking tussen haar werkzaamheden in de jaren vijftig en het werk van de verloskundige vandaag de dag. Naast haar persoonlijke ervaringen als vroedvrouw schrijft de auteur ook gedetailleerd over het leven in de Londense Docklands in de jaren vijftig en over het leven bij de zusters in het Nonnatushuis. Zo lezen we over de ruim negentigjarige excentrieke zuster Monica Joan die gedichten blijkt te schrijven, waaronder satirische en humoristische gedichten. En over zuster Evangelina, die met haar typische humor de mensen voor zich weet te winnen. 

Jenny Lee verwondert zich over de liefde van de zusters voor arme mensen. Zij had hier een tijdelijke betrekking, maar voor de zusters was het een levenslange roeping. Zij was als niet-godsdienstig meisje per ongeluk in een klooster terechtgekomen. Ze stelde haar vragen hierover aan zuster Monica Joan. 

„Vragen, vragen, ik word doodmoe van je vragen, kind. Probeer het zelf te ontdekken, dat moeten we allemaal. Niemand kan je geloof geven. Het is een geschenk van God. Zoek en je zult vinden. Lees de Bijbel. Er is geen andere weg. Val me niet lastig met al je gevraag. Ga met God, kind. Ga gewoon met God.” 

En zo doet Jenny. „Deze drie woordjes – Ga met God – waren het begin van mijn geloof. Die avond begon ik de Bijbel te lezen.”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten