05-12-16

Recensie: Haat - Mel Wallis de Vries


Titel: Haat
Auteur: Mel Wallis de Vries
Recensie: Thea
Genre: Jeugd
ISBN: 9789026141904 
240 pagina's | Uitgeverij De Fontein | november 2016

Mel Wallis de Vries:
Mel Wallis de Vries is uitgegroeid tot de succesvolste jeugdthrillerauteur van dit moment. Haar boeken zijn meermaals bekroond en staan hoog in de bestsellerlijsten. In 2012, 2014, 2015 en 2016 won zij de Prijs van de Jonge Jury met Vals, Klem, Wreed en Shock. Haar boeken worden in diverse landen uitgegeven.

Het verhaal:
Een vreselijk ongeluk. Maar dat is slechts het begin...

Nikki wordt wakker in een park, gewond en onder het bloed. In haar handen houdt ze een mes, en iets verderop ligt een zwaargewond meisje. Nikki heeft geen idee wie ze is. Maar alles wijst erop dat Nikki haar heeft neergestoken. Alleen weet ze er zelf niks meer van... Wanhopig probeert Nikki erachter te komen wat haar die bewuste avond overkwam. Haar zoektocht naar de verontrustende waarheid zal haar leven voor altijd veranderen. Want is er precies in dat park gebeurd?

Recensie door Thea:
“Ze staat voor me en kijkt me met grote ogen aan. Doodsbang. Maar ze kan niet meer vluchten. En dat weet zij ook. Vuile! Trut! Dit! Wordt! Je! Verdiende! Loon!”

Haat is een spannende, beklemmende jeugdthriller, de zwarte bladsnede geeft het boek een dreigend uiterlijk. We lezen het verhaal vanuit wisselend perspectief. Het verhaal wordt regelmatig onderbroken door telefoonnotities van de dader, Instagram foto’s en whatsappjes. Meteen bij het lezen van de proloog weet het verhaal mijn aandacht te pakken. Als lezer vraag je jezelf constant af: wie en waarom? Wie voelt er zo’n haat voor Nikki dat hij of zij tot zoiets in staat is? Regelmatig word je op het verkeerde been gezet, iedereen lijkt wel een motief te hebben … Hoe kan het dat Nikki zich niets weet te herinneren van wat er in het park gebeurde, liegt zij hierover? Tot aan het einde blijft je dan ook gissen naar de dader. Wanneer op het einde de onverwachte ontknoping volgt en de dader zich bekend maakt, blijkt het iemand te zijn die ik niet op het oog had. Alle puzzelstukjes vallen in elkaar en eindelijk wordt het motief van de dader duidelijk…

“Het bloed aan mijn handen… Ik wil niet denken aan wat er is gebeurd. Nog niet. (..)Ik weet nog dat ik door het park liep, over de brug naar het dichtbegroeide stuk met bomen, dat het heel donker was omdat het regende. Maar dan stoppen de beelden.”

Op een avond wordt Nikki gewond gevonden in het park. Bloed kleeft aan haar handen. Naast haar blijkt een mes te liggen. In haar nabijheid wordt een ander meisje zwaargewond gevonden. Wat is er gebeurd? Heeft Nikki hier iets mee van doen, heeft zij dit meisje neergestoken? Nikki kan zich niets herinneren… 

“Dit is mijn leven, en het zou me gerust moeten stellen. Maar dat doet het niet. Ik voel me duizelig en licht in mijn hoofd, en mijn hechtingen doen pijn. Wat is er in godsnaam in dat park gebeurd?”

Nikki blijkt een wond aan haar hoofd te hebben die gehecht moet worden en heeft een hersenschudding opgelopen. Toch wil zij de volgende dag naar school, naar haar vriendinnen. Maar waarom gedragen Manouk en Lisa zich sindsdien zo anders en laten ze haar vallen? En Timo, haar vriendje, waarom wil hij haar niet meer zien en maakt hij het uit? Waarom gelooft niemand haar en denken ze dat zij het andere meisje iets heeft aangedaan? Hoe komen haar vingerafdrukken op het gevonden mes? En het bloed van dat andere meisje aan haar handen? Waarom wordt zij als verdachte gezien, ze kent dat andere meisje niet eens, toch? Waarom kan ze zich niets herinneren over wat er gebeurd is in het park? Wat is er aan de hand? Wat is er gebeurd?   

“Wat moet ik doen? Ik denk na, en hoe meer ik nadenk, hoe banger ik word. Het voelt alsof er een spelletje met me wordt gespeeld waarvan ik de spelregels niet begrijp. Ik ga dit niet lang volhouden…Maar er is geen alternatief: als ik nu terugga, lijk ik nog schuldiger dan ik al was. Ik moet achter de waarheid zien te komen.”

Het gaat steeds slechter met Nikki, ze lijkt zichzelf te verliezen en is in een nachtmerrie belandt. Op een nacht staat hun huis in brand, aangestoken. Nikki raakt hierbij gewond aan haar arm. Ook vindt de politie een verstuurd appje op de telefoon van Anika, het zwaargewonde meisje. Nikki zegt van niets te weten, zij heeft het appje niet gestuurd. Maar liegt Nikki soms? Wanneer de politie Nikki wil aanhouden als verdachte, vlucht zij hun tijdelijke woning uit. Zij heeft dit appje niet gestuurd, zij heeft hun huis niet in brand gestoken én zij  heeft Anika niet verwond, maar wat moet ze doen, hoe kan zij haar onschuld bewijzen, niemand schijnt haar te geloven…

“Ik ben op de vlucht voor een schim. Voor mezelf. Ik weet niet meer voor wie ik bang moet zijn. (…)Er gaat van alles door me heen. Woede en verdriet. Pijn en angst. Maar gek genoeg ook hoop. Plotseling voelt het alsof ik een keus heb. Misschien kan ik niks meer veranderen aan wat er is gebeurd, maar ik kan wel bepalen wat er vanaf nu gáát gebeuren.”

Nikki weet wat haar te doen staat. Ze gaat terug naar het plaats delict, het park. Ze denkt er alleen te zijn, maar voordat ze het in de gaten heeft wordt ze aangevallen, door wie? Nikki belandt in het water en vecht voor haar leven. Dan ziet ze het gezicht van de dader boven zich, herinneringen komen omhoog en alles wordt haar duidelijk…  

“Maar ik heb één ding geleerd: het maakt niet uit wie je echt bent. Je bent wat anderen van je denken. En in hun beleving was ik niks. (..)Nikki had alles. Ze was mooi, ze had veel vrienden, een toekomst. Waarom nam ze mij alles af? Eerst was ik verdrietig, toen werd ik boos, en die boosheid sloeg om in haat. (..)haat verteert je vanbinnen, fluistert je de verkeerde dingen in, rechtvaardigt voor je gevoel alles wat je doet. Maar haat houdt je geen spiegel voor.”

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen